Spring naar inhoud
Vorige les
Presentatie Print
Volgende les

Les 3 — Sabbat, 17 oktober 2026

Verlangen om Jezus beter te kennen

Tekst om te onthouden

“Opdat ik Hem kenne, en de kracht van Zijn opstanding, en de gemeenschap van Zijn lijden, Zijn dood gelijkvormig wordende; of ik enigszins moge komen tot de wederopstanding der doden”

Filippensen 3:10-11

“Wanneer de Bijbelonderzoeker de Verlosser aanschouwt, is in de ziel de geheimzinnige kracht van het geloof, de aanbidding en liefde ontwaakt. De ogen zijn gevestigd op Christus, en de aanschouwer groeit naar het voorbeeld van Hem, Die hij vereert.” –Karaktervorming, blz. 194.

Aanvullende studie: –Testimonies for the Church, vol. 3, blz. 22-32;; –The Story of Redemption, blz. 310-314.

Zondag · 11 oktober

1. Gerechtigheid door Geloof

A. Hoe verheft Paulus de behoefte van geloof in Christus zonder te vertrouwen op vermeende verdiensten van het vlees? .

Filippenzen 3:1-3

1Voorts, mijn broeders, verblijdt u in den Heere. Dezelfde dingen aan u te schrijven, is mij niet verdrietig, en het is u zeker.

2Ziet op de honden, ziet op de kwade arbeiders, ziet op de versnijding.

3Want wij zijn de besnijding, wij, die God in den Geest dienen, en in Christus Jezus roemen, en niet in het vlees betrouwen.

“Hoe meer wij Jezus naderen en hoe duidelijker wij de reinheid van Zijn karakter onderscheiden, des te duidelijker wij de uitnemende grootte van de zonde zien en des te minder zullen wij onszelf wensen te verheffen…
Niet een van de apostelen of profeten heeft ooit beweerd zonder zonde te zijn. Mensen, die het dichtst bij God hebben geleefd, die liever hun leven wilden opofferen dan bewust een verkeerde daad te begaan, mensen die door God zijn geëerd met goddelijk licht en goddelijke kracht, hebben de zondigheid van hun eigen natuur beleden. Zij hebben niet op vlees vertrouwd en geen aanspraak gemaakt op eigen gerechtigheid, maar zij hebben volkomen vertrouwd op Christus’ gerechtigheid. Dat zal het geval zijn met allen, die Christus aanschouwen.
Ons berouw zal bij elke stap in het christelijke leven dieper worden. De Here zegt tot hen, die Hij heeft vergeven, die Hij erkent als de Zijnen: 'Dan zult gij terugdenken aan uw boze wandel en uw handelwijze, die niet goed was, en gij zult van uzelf walgen' (Ezechiël 36:31)... Dan zal uit onze mond geen zelfverheerlijking worden gehoord. Wij zullen weten, dat wij alleen door Christus aanvaardbaar zijn.” –Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 94-95.
Maandag · 12 oktober

2. Vreugde In Het Dienen Van Christus

A. Beschrijf de vroegere houding van Paulus, voordat hij tot Christus bekeerd was. .

Filippenzen 3:4-6

4Hoewel ik heb, dat ik ook in het vlees betrouwen mocht; indien iemand anders meent te betrouwen in het vlees, ik nog meer;

5Besneden ten achtsten dage, uit het geslacht van Israel, van den stam van Benjamin, een Hebreer uit de Hebreen, naar de wet een Farizeer;

6Naar den ijver een vervolger der Gemeente; naar de rechtvaardigheid, die in de wet is, zijnde onberispelijk.

“Op de theologische scholen van Judea was het Woord Gods opzij gezet voor menselijke bespiegelingen; het was ontdaan van zijn kracht door de uitleggingen en inzettingen van de rabbi’s. Zelfverheerlijking, zucht om te overheersen, ijverzuchtige afgeslotenheid, blinde dweepzucht en minachtende trots waren de leidende beginselen en beweegredenen van deze leraars.
De rabbi’s waren trots op hun voortreffelijkheid en voelden zich verheven, niet alleen boven andere volken, maar ook boven de grote massa van hun eigen natie. Terwijl zij hun Romeinse verdrukkers haatten met een vurige haat, koesterden zij de gedachte om door de macht der wapenen hun onafhankelijkheid te overwinnen en zich vooraan te plaatsen in de volkerenrij. Zij haatten en doodden de volgelingen van Jezus, Wiens boodschap van vrede zo lijnrecht tegenover hun eerzuchtige plannen stond. Aan deze vervolging nam Saulus deel op de meest verbitterde en meedogenloze wijze.” –Karaktervorming, blz. 64.

B. Wat legt Paulus uit over de immense vreugde van zich volledig overgeven aan Jezus? .

Filippenzen 3:7-8

7Maar hetgeen mij gewin was, dat heb ik om Christus' wil schade geacht.

8Ja, gewisselijk, ik acht ook alle dingen schade te zijn, om de uitnemendheid der kennis van Christus Jezus, mijn Heere; om Wiens wil ik al die dingen schade gerekend heb, en acht die drek te zijn, opdat ik Christus moge gewinnen.

“De apostelen hadden hun leven niet lief, maar verheugden zich, dat ze waardig geacht werden om in Christus’ naam smaadheid te lijden. Paulus en Silas hadden het verlies van alles, wat ze bezaten, te betreuren. Ze werden gegeseld en werden op niet zachtaardige wijze in een zeer pijnlijke houding op de koude vloer van hun kerker geworpen, namelijk met de voeten in het blok. Was het gemor en en geweeklaag, dat de stokbewaarder hoorde? O neen! Vreugdezangen en lofliederen ter ere Gods verbraken van uit de kerker de stilte van het middernachtelijk uur. Deze discipelen werden opgemonterd door een diepe en vurige liefde voor het werk huns Verlossers, voor Wie zij leden.
Wanneer de waarheid Gods onze harten vervult, onze affecties absorbeert en ons leven beheerst, zullen wij het ook als een vreugde beschouwen om ter wille van de waarheid te lijden. Geen kerkermuren, geen brandstapel zullen hun schrik aanjagen of hun liefde voor het grote werk verkillen.
Kom, o mijn ziel, tot Golgotha.
Schenkt uw aandacht eens aan het nederige leven van de Zone Gods. Hij was ‘een Man van Smarten, en verzocht in krankheid’ (Jesaja 53:3). Aanschouw Zijn schande, Zijn zielesmart in Getsemane, en leer dan wat zelfverloochening is. Wordt van ons een lijden verwacht? Dat werd verwacht van Christus, de Majesteit des hemels. Maar Zijn armoede was om ons bestwil. Worden wij gerekend onder de rijken? Maar Hij wel. Echter om onzentwille wilde Hij arm worden, opdat wij door Zijn armoede rijk zouden worden. Wat zelfverloochening betreft hebben we in Christus een sprekend voorbeeld.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 400-401.
Dinsdag · 13 oktober

3. Het echte ervaren

A. Welk doel van Paulus moeten we nu verlangen te overdenken? .

Filippenzen 3:9

9En in Hem gevonden worde, niet hebbende mijn rechtvaardigheid, die uit de wet is, maar die door het geloof van Christus is, namelijk de rechtvaardigheid, die uit God is door het geloof;

“De ware Getuige heeft gezegd: ‘Koop van Mij goud, dat in het vuur gelouterd is, opdat gij rijk moogt worden, en witte klederen, opdat gij die aandoet en de schande uwer naaktheid niet zichtbaar worde’. Wat is de schande van deze naaktheid en armoede? Het is de schande van zichzelf te bekleden met eigengerechtigheid en onszelf van God af te zonderen, terwijl Hij ruime voorziening voor allen getroffen heeft om Zijn zegen te ontvangen.” –Bijbelkommentaar, blz. 651.
“De ziel, die God liefheeft, verheft zich boven de mist van de twijfel; hij verkrijgt een heldere, brede, diepgaande, levende ervaring, wordt zachtmoedig en aan Christus gelijk. Zijn ziel heeft hij aan God overgegeven en is met Christus verborgen in God. Hij zal in staat zijn weerstand te bieden aan de toets van verwaarlozing, van smaad en verachting, omdat zijn Heiland dit alles heeft geleden. Hij zal niet wrevelig en moedeloos worden, als hij door moeilijkheden is omringd, omdat Jezus niet faalde of moedeloos werd. Elke ware christen zal sterk zijn, niet in de kracht en verdienste van zijn goede werken, maar in de gerechtigheid van Christus, die hem door het geloof wordt toegerekend. Het is iets groots om zachtmoedig en nederig van hart te zijn, om zuiver en onbesmet te zijn, zoals de Vorst des hemels, toen Hij rondging onder de mensen.” —Bijbelkommentaar, blz. 555.

B. Leg uit waar het echte christelijke leven op gericht is. ;.

Filippenzen 3:10-11

10Opdat ik Hem kenne, en de kracht Zijner opstanding, en de gemeenschap Zijns lijdens, Zijn dood gelijkvormig wordende;

11Of ik enigszins moge komen tot de wederopstanding der doden.

1 Petrus 2:21

21Want hiertoe zijt gij geroepen, dewijl ook Christus voor ons geleden heeft, ons een voorbeeld nalatende, opdat gij Zijn voetstappen zoudt navolgen;

“(De apostelen) wezen de levende weg aan door zelfverloochening en het kruis. Zij hadden gemeenschap met hun Heiland in Zijn lijden, en hun grootste verlangen was Christus Jezus te kennen, en Hem gekruisigd. Zij dachten niet aan hun eigen gemak, noch achtten zij hun leven dierbaar. Zij leefden niet om te genieten, maar om goed te doen en zielen te redden voor wie Christus gestorven was.” –Testimonies for the Church, vol. 3, blz. 27.
“Gemeenschap met Christus, persoonlijk contact met een levende Heiland, stelt verstand, hart en ziel in staat de lagere natuur te overwinnen. Vertel aan hem, die afgedwaald is, dat een almachtige hand hem zal ondersteunen, dat de oneindige menselijkheid van Christus hem kent en met hem meeleeft. Het is niet voldoende, dat hij gelooft in de wet en in de kracht, dingen die niet kunnen voelen en het hulpgeroep niet kunnen horen. Hij heeft behoefte zich vast te klemmen aan een helpende hand, te vertrouwen op een hart vol tederheid. Richt zijn gedachten op Gods tegenwoordigheid, die altijd nabij hem is, en die hem altijd vol medelevende liefde gadeslaat. Zeg hem, dat hij moet denken aan het hart van de Vader, dat bedroefd is over de zonde, aan de hand van een Vader, die nog steeds uitgestrekt is.” –Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 240-241.
Woensdag · 14 oktober

4. VOLHARDing TEGEN VERLEIDING

A. Hoe beschrijft Paulus de voortdurende, dagelijkse roeping van elke volgeling van Christus? ;;.

2 Korinthe 7:1

1Dewijl wij dan deze beloften hebben, geliefden, laat ons onszelven reinigen van alle besmetting des vleses en des geestes, voleindigende de heiligmaking in de vreze Gods.

Filippenzen 3:12-14

12Niet dat ik het alrede gekregen heb, of alrede volmaakt ben; maar ik jaag er naar, of ik het ook grijpen mocht, waartoe ik van Christus Jezus ook gegrepen ben.

13Broeders, ik acht niet, dat ik zelf het gegrepen heb.

14Maar een ding doe ik, vergetende, hetgeen achter is, en strekkende mij tot hetgeen voor is, jaag ik naar het wit, tot den prijs der roeping Gods, die van boven is in Christus Jezus.

1 Korinthe 15:31

31Ik sterf alle dagen, hetwelk ik betuig bij onzen roem, dien ik heb in Christus Jezus, onzen Heere.

“Er is een treffende tegenstelling tussen de opgeblazen, zelfgerechtigde beweringen van hen, die voorgeven zondeloos te zijn, en de eenvoudige taal van de apostel. Toch waren het de zuiverheid en de trouw van zijn eigen leven, die zo’n kracht gaven aan zijn vermaningen aan zijn broeders.” –Het Geheiligde Leven, blz. 65-66.
“O, dat iedereen de hemelse gave zou mogen kiezen, om een erfgenaam van God te worden van die erfenis, waarvan het recht veilig is voor elke vernietiger, tot in eeuwigheid! O, kies niet de wereld, maar kies de betere erfenis! Streef, dring aan op uw weg naar het teken, naar de prijs van uw hoge roeping in Christus Jezus.” –Fundamentals of Christian Education, blz. 235.
“Geen enkele dag weten we, hoe zwaar onze strijd de volgende dag kan zijn. Satan leeft, en is actief, en elke dag moeten we vurig tot God roepen om hulp en sterkte ten einde hem te weerstaan. Zolang Satan heerst, zullen we het eigen-ik tot onderwerping hebben te brengen; moeten we aanvechtingen overwinnen, en er is geen enkele plaats, waar we daarmede kunnen ophouden, er is geen punt tot waar wij kunnen komen en zeggen, dat we het doel ten volle bereikt hebben… Het christelijk leven is een voortdurend voorwaarts gaan. Jezus polijst en en loutert Zijn volk; en wanneer Zijn beeld in hen volmaakt wordt weerspiegeld, zijn ze volmaakt en heilig, toebereid om het onverderfelijke aan te doen.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 116.

B. Welke fysieke verleiding is vaak een geestelijke valstrik? .

Filippenzen 3:18-19

18Want velen wandelen anders; van dewelken ik u dikmaals gezegd heb, en nu ook wenende zeg, dat zij vijanden des kruises van Christus zijn;

19Welker einde is het verderf, welker God is de buik, en welker heerlijkheid is in hun schande, dewelken aardse dingen bedenken.

“Zelfverloochening en het beteugelen van dierlijke lusten zijn noodzakelijk om een betere gezondheids- en morele toestand te bereiken en te vestigen, en om een verdorven samenleving te zuiveren. Elke schending van de principes met betrekking tot eten en drinken tast het waarnemingsvermogen aan… Matigheid in alles is noodzakelijk voor de gezondheid en de ontwikkeling en groei van een goed christelijk karakter.
Zij die de wetten van God in hun fysieke bestaan overtreden, zullen niet minder geneigd zijn de wet van God, die vanaf de Sinaï is verkondigd, te schenden. Zij, die niet willen, nadat het licht tot hen is gekomen, uit principe eten en drinken in plaats van zich door hun lusten beheerst te worden, zullen ook in andere zaken niet standvastig zijn in het naleven van principes. De discussie over reformatie van eet- en drinkgewoonten zal een karakter vormen en zal krachtig aan het licht brengen hetgeen, wat ‘een god van hun buik’ maakt.” –Counsels on Health, blz. 38-39.
Donderdag · 15 oktober

5. Een Ander Burgerschap

A. Welke oproep en belofte spreken ons hart nu aan? .

Filippenzen 3:20-21

20Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus;

21Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat hetzelve gelijkvormig worde aan Zijn heerlijk lichaam, naar de werking, waardoor Hij ook alle dingen Zichzelven kan onderwerpen.

“Zo zal Gods volk, het ware Israël, hoewel verstrooid onder alle volken, als gasten en vreemdelingen zijn op aarde, omdat hun burgerschap in de hemel is.” –Patriarchen en Profeten, blz. 404.
“Lieve broeders en zusters: Geloven wij met ons ganse hart, dat Christus spoedig komen zal, en dat wij nu de laatste boodschap van genade aanhoren, die ooit aan een schuldige wereld gegeven zal worden? Is ons voorbeeld, wat het moet zijn? Tonen wij door middel van ons leven en heilige wandel aan onze omgeving, dat wij uitzien naar de heerlijke verschijning van onze Heer en Heiland, Jezus Christus, die deze vernederde lichamen veranderen zal, opdat ze gelijkvormig worden aan Zijn heerlijk lichaam? Ik vrees, dat wij deze dingen niet geloven en beseffen, gelijk wij dit behoren te doen. Degenen, die de gewichtige waarheden, welke wij belijden, geloven, moeten ook hun geloof beleven. Er is te veel zoeken naar vermakelijkheden en dingen in deze wereld, die de aandacht bezighouden; men laat zijn gedachten te veel bezig zijn met kleding, en de tong wordt te dikwijls gebruikt tot het voeren van lichte en niets beduidende gesprekken, die onze belijdenis loochenen, want onze wandel is niet in de hemel, waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten.
Engelen waken en houden de wacht over ons; wij grieven deze engelen menigmaal door lichte gesprekken te houden, door te schertsen en grappen te maken, en ook door in een zorgeloze, stompe staat te vervallen. Ofschoon wij nu en dan een poging doen om de overwinning te behalen, en het ons gelukt, toch behouden wij die niet, maar vervallen weer in dezelfde zorgeloze, onverschillige toestand; niet bij machte om verzoekingen te lijden en de vijand te weerstaan, verduren wij niet de beproeving van ons geloof, die veel kostelijker is dan die van het goud. We lijden niet om Christus’ wil, en roemen niet in verdrukkingen.
Er is groot gebrek aan christelijke kracht en het dienen van God uit beginsel. Wij moeten niet trachten om onszelf te behagen en te bevredigen, maar om God te eren en te verheerlijken, en in al wat wij doen en zeggen een eenvoudig oog te hebben voor Zijn heerlijkheid.” –Eerste Geschriften, blz. 126-127.
Vrijdag · 16 oktober

Terugblik

Terugblik

1. Wat weerhoudt me ervan om zelfingenomen te worden?
2. Beschrijf de verbazingwekkende karakterverandering van Paulus.
3. Wat moet de focus van mijn leven zijn?
4. Hoe beïnvloedt overmatige bevrediging van de eetlust mijn sgeestelijk leven?
5. Welke valkuilen kunnen mijn christelijke groei belemmeren?