Tekst om te onthouden: “Wie is wijs? Die neme deze dingen waar, en dat zij verstandig letten op de goedertierenheden des Heeren” (Psalm 107:43).
Psalm 107:43
“In het kennen van God hebben alle ware kennis en waarachtige ontwikkeling hun oorsprong.” –Karaktervorming, blz. 14.
Aanvullende studie:: –Schreden naar Christus, hoofdstuk 10, blz. 101-110.
A. Door welke dingen in deze wereld probeert de Heer de mensen tot Zich te trekken?
Psalm 19:1-7;
Spreuken 2:1-5.
“Op verschillende manieren probeert God Zichzelf aan ons bekend te maken en ons met Hem in contact te brengen. Zonder ophouden spreekt de natuur tot onze zintuigen. Het hart, dat open staat, komt onder de indruk van de liefde en heerlijkheid van God, die in de werken, die Hij doet, openbaar worden. Het oor, dat aandachtig luistert, kan via de dingen van de natuur de boodschap van God horen en begrijpen. De groene velden, de statige bomen, de knoppen en de bloemen, een voorbijglijdende wolk, de regen, het kabbelende beekje en het schitterende heelal spreken tot ons hart en nodigen ons uit om bekend te worden met Hem, die dat alles schiep.” –Schreden naar Christus, blz. 101.
B. Wat gebruikte Jezus om de waarheid in de gedachten van Zijn toehoorders te prenten?
Matthéüs 13:3, 34.
“Onze Zaligmaker gebruikte bij Zijn prachtige lessen de dingen uit de natuur. De bomen, de vogels, de bloemen in de dalen, de heuvels, de meren en het prachtige firmament, maar ook de gebeurtenissen en de omstandigheden van het dagelijkse leven, werden met de waarheidsvolle woorden verbonden, met de bedoeling dat Zijn lessen daardoor vaak in de geest zouden kunnen worden teruggeroepen, zelfs te midden onder de drukke inspanningen van het werkzame leven van de mens. God wilde, dat Zijn kinderen Zijn werken op prijs zouden stellen en zich zouden verheugen in de eenvoudige, rustige schoonheid, waarmee Hij onze aardse woonplaats heeft verfraaid.” –Schreden naar Christus, blz. 101-102.
A. Welke les kunnen we leren van de natuur, bijvoorbeeld van de bloemen, vogels en sterren?
Romeinen 1:20;
Handelingen 14:17.
“Het bestuderen van de wetenschap is slechts een verklaring van Gods handschrift in de stoffelijke wereld. Wetenschap levert door haar onderzoekingen alleen maar nieuwe bewijzen van Gods wijsheid en almacht. Als ze op de juiste wijze worden verstaan, maken het boek der natuur en het geschreven Woord ons bekend met God door ons iets te leren van de verstandige en weldadige wetten, waardoor Hij werkt.” –Patriarchen en Profeten, blz. 548-549.
“Als we willen luisteren, horen wij, hoe Gods scheppingswerk ons kostbare lessen van gehoorzaamheid en vertrouwen leert. Van de sterren, die in hun onnavolgbare gang door de ruimte eeuw na eeuw langs de hun aangewezen baan gaan, tot het allerkleinste atoom, gehoorzamen de dingen in de natuur aan de wil van de Schepper. En God zorgt voor alles, en onderhoudt alles, wat Hij heeft geschapen.” –Schreden naar Christus, blz. 102.
B. Wanneer we de schoonheid en rust van de ongerepte natuur beschouwen, wat moeten we dan bedenken van de beloofde nieuwe aarde?
1 Korinthe 2:9;
Openbaring 21:1.
“Probeer het huis van de verlosten in uw verbeelding te zien, en bedenk dan, dat het veel heerlijker zal zijn dan uw stoutste verwachtingen. In de gaven van God in de natuur, hoe afwisselend deze ook zijn, zien we slechts een zwakke afstraling van Zijn heerlijkheid.” —Schreden naar Christus, blz. 103.
“Gods gemeente heeft visioenen gekregen van Gods eeuwig doel. Hij heeft Zijn volk over de beproevingen van het heden heen gewezen op de overwinningen in de toekomst, als de verlosten aan het eind van de strijd het beloofde land in bezit mogen nemen. Deze visioenen van toekomstige heerlijkheid, beelden geschilderd door Gods hand, moeten veel voor Zijn gemeente betekenen in deze tijd.” —Profeten en Koningen, blz. 444.
“In de Bijbel wordt de erfenis van de verlosten ‘een vaderland’ genoemd. (Hebreeën 11:14-16). Daar leidt de hemelse Herder Zijn kudde naar de rivier met ‘het water des levens’. De ‘boom des levens’ geeft elke maand zijn vrucht, en de bladeren van de boom zijn ‘tot genezing der volkeren’. De rivieren stromen altijd en hun water is helder als kristal. Op hun oevers staan bomen, die zorgen voor schaduw op het pad van de verlosten. De uitgestrekte vlakten gaan over in prachtige heuvels, en de bergen van God verheffen hun hoge toppen. Op deze weidse vlakten en op de oevers van deze stromen van levend water zullen Gods kinderen, die zo lang als pelgrims hebben rondgezworven, eeuwig wonen.” –De Grote Strijd, blz. 621.
A. Welke kostbare lessen kunnen we leren van de profeten om ons te bemoedigen in tijden van ontmoediging en verleiding?
Jakobus 5:17;
Romeinen 8:28;
1 Johannes 5:14.
“Als we ons hart openstellen, kunnen wij in de situaties en omstandigheden en in de veranderingen, die in het dagelijks leven rondom ons plaatshebben, kostbare lessen ontdekken… In Zijn Woord vinden wij de geschiedenis van de patriarchen en profeten en van overige heilige mannen uit de oudheid. Zij waren mensen ‘net als wij’ (Jakobus 5:17). Wij zien, hoe zij, net als wij, te vechten hadden tegen ontmoediging, hoe zij vielen voor de verleiding, zoals dat bij ons het geval is, maar hoe ze toch weer moed vatten en door de genade van God de overwinning behaalden. Wanneer we dat zien, ontvangen wij nieuwe moed om te blijven streven naar de gerechtigheid.” —Schreden naar Christus, blz. 103-104.
B. Als God in de natuurlijke dingen voorziet, hoeveel meer in die van Zijn kinderen?
Psalm 107:43;
145:15-16.
“Zowel de natuur als de Bijbel vertellen van de liefde van God. Onze hemelse Vader is de bron van het leven, van alle wijsheid en alle vreugde. Kijk naar de pracht van de natuur. En bedenk eens hoe niet alleen de mens, maar hoe elk levend wezen daarin past en daarin gelukkig kan zijn. De zonneschijn en de regen, die de aarde vrolijk maken en verfrissen, de heuvels, de zeeën en de vlakten, alles vertelt ons van de liefde van de Schepper.” –Schreden naar Christus, blz. 9.
C. Tot wat zal de belofte van Gods zorg leiden om ons op te richten?
Matthéüs 6:30-34.
“Wanneer wij de behandeling der dingen, waarmee wij te maken hebben, in onze eigen handen nemen en ons voor het welslagen daarvan afhankelijk stellen van onze eigen wijsheid, nemen wij een last op ons, die God ons niet te dragen gegeven heeft en trachten die zonder Zijn hulp te torsen. We nemen zelf de verantwoording op ons, die God toebehoort, en op deze wijze stellen wij ons in werkelijkheid in Zijn plaats. Terecht kunnen wij ons dan zorgen maken, en gevaar en verlies verwachten; immers dit zal zeker over ons komen. Maar wanneer we werkelijk geloven, dat God ons liefheeft, dat het Zijn bedoeling is, ons wel te doen, zullen wij ophouden ons zorgen te maken over de toekomst. Wij zullen God vertrouwen, zoals een kind een liefhebbende ouder vertrouwt. Dan zullen onze moeilijkheden en kwellingen verdwijnen, want onze wil is opgenomen in de wil van God.” –Gedachten van de Berg der Zaligsprekingen, blz. 89.
A. Waarin heeft Christus de duidelijkste openbaringen van Gods plan geplaatst voor de verlossing van de mens?
Johannes 5:39;
Jesaja 34:16.
“God spreekt tot ons in Zijn Woord. Daarin vinden wij in duidelijke bewoordingen de openbaring van Zijn karakter. We ontdekken, hoe Hij de mens behandelt en wat het grote verlossingsplan inhoudt.” –Schreden naar Christus, blz. 104.
B. Wat moet dagelijks gedaan worden door allen, die in de sterkte en kracht van God willen groeien?
Johannes 6:53, 63;
Kolossensen 3:1-2.
“De engelen zouden graag inzicht willen hebben in het vraagstuk van de verlossing. Dit zal het onderwerp van studie en het lied van de verlosten zijn tot in de oneindige eeuwigheid. Is het dan ook nu niet de moeite van overpeinzing en studie waard? De oneindige genade en liefde van Christus en het offer, dat ter wille van ons werd gebracht, moeten onze gedachten zeer ernstig bezighouden. We behoren aandacht te besteden aan het karakter van onze dierbare Verlosser en Middelaar. We moeten mediteren over de zending van Hem, Die kwam om Zijn volk van hun zonden te verlossen.” —Schreden naar Christus, blz. 105-106.
C. Hoe moeten we Gods woord in ons hart opnemen?
Matthéüs 4:4;
2 Timótheüs 2:15.
“Niemand, die zijn onderwijzingen weet te waarderen, kan één enkele passage uit de Bijbel lezen zonder daaruit een of andere nuttige gedachte te trekken. Maar het beste onderricht van de Bijbel wordt niet verkregen door zonder enige samenhang met het Boek zo nu en dan eens te bestuderen. Het verheven systeem der waarheid wordt niet zo geschilderd, dat de haastige oppervlakkige lezer dat zal ontdekken. Vele schatten liggen grotendeels ver beneden de oppervlakte en kunnen alleen verkregen worden door ijverig onderzoek en aanhoudende inspanning. De waarheden, die het geheel vormen, moeten gezocht en verzameld worden, ‘hier wat, daar wat’. (Jesaja 28:10). Wanneer ze aldus worden onderzocht en tot een geheel samengevoegd worden, zal men ervaren, dat ze aan elkaar aangepast zijn. Elk evangelie is een aanvulling van de andere, elke profetie een verklaring van een andere profetie, elke waarheid een ontwikkeling van een andere waarheid. De schaduwbeelden van het Joodse stelsel worden duidelijk gemaakt door het Evangelie. Elk beginsel in het Woord van God heeft zijn plaats, elk feit zijn betekenis. En het gehele gebouw in zijn ontwerp en uitvoering, draagt het kenmerk van Zijn karakter. Alleen het verstand van de eeuwige God kan zo’n geheel bedenken en bouwen.” –Karaktervorming, blz. 123-124.
A. Wat bracht Jeremia troost en hulp in zijn woelige tijd?
Jeremia 15:16.
“Er is niets, dat er meer op berekend is om het verstand te versterken, dan de studie van de Schrift. Geen ander boek is zo zeer in staat om de gedachten op een hoger peil te brengen, en de talenten die men heeft te versterken, als de veredelende Bijbelse waarheden. Als Gods Woord bestudeerd zou worden op de manier, waarop dat behoort, zou men een geestelijke ontwikkeling en veredeling van het karakter en een standvastigheid ten toon spreiden, als in deze tijd nog zelden gezien wordt.” –Schreden naar Christus, blz. 108.
“Hij, die de Schriften nauwkeurig, biddend aandacht geeft, zal een helder begrip en een zuiver beoordelingsvermogen krijgen, alsof hij door het zich wenden tot God een hogere graad van intelligentie had bereikt.” –Geest, Karakter en Persoonlijkheid, blz. 96-97.
B. Hoe moeten de Schriften bestudeerd worden en wat moet vooraf gaan aan zo’n Bijbelstudie?
Psalm 119:9, 11, 16.
“De waarheid van God ligt, net als goud, niet altijd direct aan de oppervlakte; deze is alleen te verkrijgen door ernstig nadenken en studeren.” –Gospel Workers, blz. 76.
“Zoals de mijnwerker de kostbare aders onder de oppervlakte van de aarde ontdekt, zo zal hij, die met volharding in Gods Woord zoekt naar de verborgen schatten, waarheden van grote waarde vinden, die onttrokken blijven aan het oog van de oppervlakkige zoeker. De woorden van inspiratie, die in het hart worden overwogen, zullen zijn als stromen, die voortvloeien uit de bron van het leven. De Bijbel mag nooit bestudeerd worden zonder gebed. Voordat wij de bladzijden van de Bijbel openen, moeten we vragen om de verlichting van de Heilige Geest. En deze zal ons worden gegeven… De engelen uit de wereld van het licht zullen hen bijstaan, die met een nederig hart om goddelijke leiding vragen.” –Schreden naar Christus, blz. 109, 110.
1. Welke onderwijsmethode werd gebruikt door onze Verlosser om de mensen te bereiken?
2. Welke voorziening heeft God getroffen om Zichzelf aan allen te openbaren, ook aan hen die geen toegang hebben tot Zijn Woord?
3. Wat kunnen we leren door de voorzienigheid van God?
4. Beschrijf de houding, die we moeten hebben ten opzichte van de Bijbel als de openbaring van God.
5. Welke ervaring van Jeremia met betrekking tot de Schriften moet herhaald worden?
Als we herinnerd worden aan de grote opdracht om de hele wereld in te gaan en discipelen te maken, moeten we in actie komen. De Bijbelse Zending Opleidingsschool is een instelling, die zich toelegt op het voorbereiden en toerusten van werkers voor de wijngaard van de Heer. Sinds de oprichting in februari 1984 is deze school een baken van geloof geweest, dat de harten en geesten vormt van hen, die ernaar verlangen het evangelie te verspreiden onder alle volken. Veel studenten, die het tweejarige zending opleidingsprogramma van deze instelling hebben afgerond om zendelingen in het buitenland te worden, zijn sommigen leiders en predikanten, die de boodschap van verlossing verspreiden over de dichtbevolkte eilanden van de Filippijnen.
De Bijbelse Zending Opleidingsschool, gevestigd in Cabatang, Tiaong, provincie Quezon, Filippijnen, heeft zich onvermoeibaar ingezet om een solide Bijbelse basis te leggen voor aspirant-zendelingen, zowel in de Filippijnen als in de Pacific regio. Deze faciliteit biedt studenten een plaats om te verblijven, Engels te leren en opgeleid te worden tot zendelingen, colporteurs, gezondheidswerkers en bestuurders, functies die hard nodig zijn in dit land en andere landen. Het dient tevens als locatie voor opleidingen, seminars, jeugd bijeenkomsten en conferenties.
Naarmate het reformatie werk in de Filippijnen groeit, zijn uitbreiding en verbetering van deze faciliteit dringend nodig, zodat deze Gods zaak ook in de toekomst kan blijven dienen. In het licht van deze behoeften zijn er plannen om hier in dit gebouw een Generale Conferentie Zitting te houden. Wat een zegen zou het zijn om deze bijeenkomst van gelovigen te mogen ontvangen, waar visies voor evangelisatie en geestelijke opleving centraal zullen staan!
Uw genereuze Eerste Sabbatschool Gaven vandaag zullen een instrument zijn bij het bouwen van de broodnodige uitbreiding van deze instelling. Als wij geven, laten we denken aan de woorden van 2 Korinthe 9:7: “Een ieder doe, gelijk hij in zijn hart voorneemt; niet uit droefheid of gedwongen, want God heeft een blijmoedige gever lief.”
Moge uw giften deze school verheffen, haar missie ondersteunen en werkers voortbrengen, die bereid zijn het eeuwige evangelie te verkondigen. Laten we met geloof en vreugde geven, in de wetenschap dat onze bijdragen eeuwige vruchten zullen dragen voor Gods koninkrijk.
Dank u wel, en moge de Heer u rijkelijk zegenen als u geeft!
–Uw broeders en zusters in de Filippijnen